Deze oefeningen gebruiken alleen losse AA-cellen of losgekoppelde, spanningsloze passieve onderdelen. Werk niet aan huisinstallaties, netvoedingen of hoogspanning. Meet nooit over een batterij in stroomstand. Stop bij een beschadigde, lekkende of hete batterij.
- Gebruik alleen een losse passieve draad, schakelaar of weerstand, los van elke voeding en batterij. Test geen huisinstallaties of binnenkant van voedingen.
- Zwart in COM, rood in V/Ω; kies continuïteit. Raak de probepunten samen aan om de meter te controleren, dan een punt op elk uiteinde van de losse draad. Een piep duidt meestal op lage weerstand.
- Een losse schakelaar wisselt tussen open en geleidend. Piepgrenzen verschillen per meter; OL betekent meestal onderbroken of buiten bereik. Lees de handleiding. Geen weerstands- of continuïteitsstand op een batterij.