Deze oefeningen gebruiken alleen losse AA-cellen of losgekoppelde, spanningsloze passieve onderdelen. Werk niet aan huisinstallaties, netvoedingen of hoogspanning. Meet nooit over een batterij in stroomstand. Stop bij een beschadigde, lekkende of hete batterij.
- Lees de handleiding en controleer de geïsoleerde meetsnoeren. Zwart in COM, rood in V/Ω. Laat A/mA-aansluitingen ongebruikt voor deze oefeningen.
- Spanning is het verschil tussen twee punten. Kies bij een losse AA DC V (rechte lijn), of een bereik boven 1,5 V, zoals 2 V of 20 V. Rood op +, zwart op −. Een negatief getal betekent omgekeerde probes.
- AC V heeft een golfsymbool en is niet voor batterijen. Weerstand (Ω) en continuïteit meet je alleen aan losse, spanningsloze passieve onderdelen. OL kan een onderbroken verbinding of overschreden bereik betekenen: lees de handleiding.
- Stroom gebruikt een andere aansluiting en een serieverbinding: de stroom loopt door de meter. Dit valt buiten deze beginnersoefening. Meet nooit over een batterij in stroomstand.
Gerelateerde uitleg
Volt (V)Ampère (A)Weerstand (Ω)