SimpleUtilityBox

Spanning, stroom en weerstand

Deze oefeningen gebruiken alleen losse AA-cellen of losgekoppelde, spanningsloze passieve onderdelen. Werk niet aan huisinstallaties, netvoedingen of hoogspanning. Meet nooit over een batterij in stroomstand. Stop bij een beschadigde, lekkende of hete batterij.

3 V+−330 ΩLED+−
3 V-houder → 330 Ω-weerstand → rode LED → houder. Bouw zonder batterijen.
  1. Spanning (V) is potentiaalverschil; stroom (A) is ladingsstroom; weerstand (Ω) werkt die tegen. Voor een ohmse weerstand: I = V/R. 3 V over 1.000 Ω geeft 0,003 A: 3 mA.
  2. Vermogen in een eenvoudig DC-circuit is P = V × I. De voorbeeldweerstand verbruikt 0,009 W. Kies een hogere vermogenswaarde en volg specificaties. Een LED is niet ohms; neem de doorlaatspanning mee.
  3. Meet spanning over een onderdeel; weerstand alleen spanningsloos en losgekoppeld. Stroommeting gebeurt in serie en vereist een andere opstelling. Verbind batterijpolen nooit met probes in stroomstand.

Gerelateerde uitleg

Officiële bronnen