Deze oefeningen gebruiken alleen losse AA-cellen of losgekoppelde, spanningsloze passieve onderdelen. Werk niet aan huisinstallaties, netvoedingen of hoogspanning. Meet nooit over een batterij in stroomstand. Stop bij een beschadigde, lekkende of hete batterij.
- Spanning (V) is potentiaalverschil; stroom (A) is ladingsstroom; weerstand (Ω) werkt die tegen. Voor een ohmse weerstand: I = V/R. 3 V over 1.000 Ω geeft 0,003 A: 3 mA.
- Vermogen in een eenvoudig DC-circuit is P = V × I. De voorbeeldweerstand verbruikt 0,009 W. Kies een hogere vermogenswaarde en volg specificaties. Een LED is niet ohms; neem de doorlaatspanning mee.
- Meet spanning over een onderdeel; weerstand alleen spanningsloos en losgekoppeld. Stroommeting gebeurt in serie en vereist een andere opstelling. Verbind batterijpolen nooit met probes in stroomstand.
Gerelateerde uitleg
Volt (V)Ampère (A)Weerstand (Ω)Watt (W)